Expert Take: Ik heb een GEO-plan gebouwd om te ontdekken hoe ik ‘from scratch’ zichtbaarheid in AI chatbots kan opbouwen. Daarbij kruip ik in de huid van een B2B marketing manager die zichtbaarheid voor zijn of haar merk wil opbouwen. Mijn conclusie is dat er niet iets bestaat als een algemene GEO strategie, maar dat je je, net als bij andere media inspanningen, specifiek moet richten op de vraag waar je doelgroep online uithangt zodat je daar je inspanningen op kunt richten.
TL;DR: AI-zoekmachines worden door 73% van de B2B-kopers gebruikt bij aankooponderzoek, maar elk platform selecteert bronnen op een andere manier. Generiek GEO-advies bestaat niet. Wat wél werkt: verifieerbare statistieken in je content, een herkenbare auteur, en begrijpen dat Perplexity heel anders citeert dan ChatGPT. Dit artikel is alles wat ik heb gevonden — inclusief wat me verraste.
Laatst bijgewerkt: april 2026
Wat is GEO eigenlijk — en waarom zou je je er als B2B-marketeer druk om maken?
GEO staat voor Generative Engine Optimization. De term komt uit een onderzoek van Princeton University en Georgia Tech uit 2024, en beschrijft het proces van content optimaliseren zodat AI-zoekmachines — ChatGPT, Perplexity, Google AI Overviews, Claude — je als bron selecteren en citeren.
Dat klinkt abstract, maar de cijfers maken het concreet. Gartner voorspelde in 2024 dat het volume van traditionele zoekmachines met 25% zou dalen tegen 2026. Dat leek toen een gedurfde voorspelling. Nu, begin 2026, zie ik het in de data terug: AI-verwezen websitebezoeken zijn in vijf maanden met 527% gestegen, van 17.076 naar 107.100 sessies, aldus Previsible’s 2025 AI Traffic Report.
Voor B2B-marketeers is er een extra reden om dit serieus te nemen. Volgens een onderzoek van 6sense onder 680 miljoen citaties gebruikt 73% van de B2B-kopers AI-tools bij aankooponderzoek. In de techsector is het nog extremer: 80% van de tech-kopers gebruikt AI-tools minstens evenveel als traditionele zoekmachines, en 56% ontdekt leveranciers via chatbots.
Maar het interessantste cijfer dat ik tegenkwam: AI-zoekverkeer converteert 5,1 keer beter dan Google organisch — 14,2% versus 2,8%. Dat veranderde mijn kijk op de urgentie van GEO.
Hoe selecteren AI-zoekmachines hun bronnen?
Dit is waar het interessant wordt, en waar het meeste online advies tekortschiet. Want elk AI-platform citeert op een fundamenteel andere manier.
Perplexity leunt zwaar op Reddit
Perplexity haalt 46,7% van zijn topcitaties van Reddit, volgens onderzoek van Discovered Labs. Dat is bijna de helft. Als je zichtbaar wilt zijn in Perplexity en je hebt geen Reddit-strategie, dan mis je de helft van je potentiële bereik.
Waarom Reddit? Omdat Reddit authentieke discussies bevat met persoonlijke ervaringen — precies het type content dat AI-systemen waardevol vinden. Reddit levert 40,1% van alle LLM-trainingsdata, meer dan Google en Wikipedia. Google heeft daar in 2024 een licentieovereenkomst van 60 miljoen dollar voor afgesloten.
ChatGPT vertrouwt op Wikipedia en concurrent-sites
ChatGPT citeert in 47,9% van de gevallen Wikipedia, aldus The Digital Bloom’s 2025 AI Citation Report. Opvallender nog: ChatGPT citeert websites van concurrenten 11,1 procentpunt vaker dan Google dat doet. Dat betekent dat je concurrenten via AI-zoekmachines zichtbaarder kunnen worden dan via traditionele zoekresultaten.
Claude vraagt om technische precisie
Claude — het AI-model van Anthropic — citeert 30% vaker content die gestructureerd is met bullets en duidelijke koppen, aldus Discovered Labs. Dat is relevant omdat Claude steeds vaker wordt gebruikt voor zakelijk onderzoek.
De overlap is verrassend klein
Misschien het meest veelzeggende datapunt: slechts 11% van de domeinen wordt door zowel ChatGPT als Perplexity geciteerd. Elk platform heeft dus grotendeels een eigen bronnenset. Dat maakt “generiek GEO-advies” een contradictie — je moet per platform begrijpen wat werkt.
Welke factoren bepalen of AI je citeert?
Het Princeton/Georgia Tech-onderzoek identificeerde een aantal factoren die AI-zichtbaarheid verhogen. Ik heb die gecombineerd met recentere studies om een completer beeld te krijgen.
Statistieken en citaties: de grootste hefbomen
Verifieerbare statistieken toevoegen aan je content verhoogt je AI-zichtbaarheid met 22-40%, volgens het Princeton/Georgia Tech-onderzoek. Expert-quotes leveren 41% meer zichtbaarheid op. Inline citaties — bronvermeldingen in de tekst zelf — voegen 30% toe.
Dat zijn geen subtiele verbeteringen. Het betekent dat een artikel met onderbouwde claims en bronvermeldingen bijna de helft meer kans heeft om geciteerd te worden dan hetzelfde artikel zonder die elementen.
Structuur is belangrijker dan lengte
Meer dan 50% van de door AI geciteerde pagina’s bevat minder dan 1.000 woorden, aldus een analyse van Bradley Lee Bartlett. Structuur voorspelt citaties beter dan lengte. Specifiek: pagina’s met 120 tot 180 woorden tussen koppen krijgen 70% meer ChatGPT-citaties dan pagina’s met secties onder de 50 woorden.
Dat vond ik opvallend. Het betekent dat de trend naar langere, uitgebreidere content die we in SEO kennen, niet per se vertaalt naar GEO. Wat telt is of een AI-systeem snel een relevant antwoord uit je content kan destilleren.
Autoriteit werkt anders dan je denkt
In traditionele SEO zijn backlinks een belangrijke ranksignal. In GEO is dat veel minder het geval. Semrush vond dat brand search volume — hoe vaak mensen direct naar je merk zoeken — een correlatie van 0,334 heeft met AI-citaties, terwijl organische keywords 0,41 scoren en backlinks achterblijven op 0,37.
Maar het meest opvallende gegeven over autoriteit komt van Authority Tech: content op je eigen site heeft een citatieratio van 8%. Diezelfde content, verspreid via nieuwsmedia, bereikt 34% — een verbetering van 325%. Earned media — publicaties over jou op andere sites — is in GEO dus veel krachtiger dan in traditionele SEO.
Versheid doet ertoe
Pagina’s die binnen 60 dagen zijn bijgewerkt zijn 1,9 keer zo waarschijnlijk om in AI-antwoorden te verschijnen, aldus The Digital Bloom. Dat betekent dat je content-onderhoud in GEO geen nice-to-have is, maar een kernactiviteit.
Wat als AI iets verkeerds over jou beweert?
De meeste GEO-adviezen gaan ervan uit dat je geciteerd wilt worden. Maar wat doe je als een AI-tool onjuiste informatie over jouw merk verspreidt? Ik kwam eigenlijk nergens een goed antwoord op die vraag tegen.
LLM’s zoals ChatGPT en Claude zijn getraind op een momentopname van het web. Er bestaat geen mechanisme om een correctie rechtstreeks door te sturen naar een getraind model — geen “rapporteer een fout”-knop die daadwerkelijk werkt. Wat je wél kunt beïnvloeden, zijn de bronnen waarop die modellen leunen. ChatGPT citeert in 47,9% van de gevallen Wikipedia — als de informatie over jou daar klopt, vergroot je de kans op een correcte weergave. Wikidata, waarop Wikipedia voor gestructureerde data leunt, is een tweede ankerpunt dat te weinig B2B-marketeers kennen. Voor systemen met real-time retrieval — Perplexity en Google AI Overviews — is de situatie gunstiger: zij halen informatie op uit actuele webcontent. Een snelle correctie op je eigen site én op gezaghebbende externe bronnen kan daar wél invloed hebben.
Wat dat in de praktijk betekent: monitor actief wat AI-tools over jou zeggen. Tools als Otterly.AI bieden inmiddels brand monitoring specifiek voor AI-antwoorden. Publiceer correcties op gezaghebbende platformen, niet alleen op je eigen site. En bouw een consistente informatie-grondlaag: een correct Wikidata-profiel, verifieerbare informatie op meerdere bronnen, een duidelijke auteurspagina met credentials. Dat is je beste verdediging tegen foutieve citaties — geen garantie, maar een stevige basis.
Wat betekent de zero-click trend voor B2B?
69% van de Google-zoekopdrachten leidt nu tot nul klikken, een stijging van 56% eerder. Bij zoekopdrachten die een AI Overview triggeren is het nog extremer: 83% zero-click.
Tegelijkertijd verschuift de samenstelling van die AI Overviews. Begin 2025 kwam 76% van de citaties in AI Overviews uit de top-10 zoekresultaten. Begin 2026 is dat gedaald naar 38%. Google’s AI haalt dus steeds vaker bronnen van buiten de eerste pagina.
Voor B2B-marketeers betekent dit twee dingen. Ten eerste: als je strategie draait om “op pagina 1 komen” (bij mij gaan trouwens alle alarmbellen rinkelen als iemand dat roept) dan loop je achter de feiten aan. AI-systemen selecteren bronnen op andere criteria dan positie in zoekresultaten. Ten tweede: zero-click is niet per se slecht. Als je merk consistent als bron wordt genoemd in AI-antwoorden, bouw je naamsbekendheid op — ook zonder klik.
Hoe verschilt GEO van SEO — en waar overlappen ze?
Dit is een vraag die ik mezelf ook stelde toen ik met mijn project begon. Het korte antwoord: ze overlappen meer dan de meeste GEO-artikelen suggereren, maar de accenten liggen anders.
Waar ze overlappen
Google SEO-rankings correleren 0,65 met LLM-zichtbaarheid, aldus onderzoek van Otterly.AI. Dat is een sterke correlatie. Een site die goed scoort in Google heeft dus een voorsprong in AI-zichtbaarheid — maar het is geen garantie.
Technische SEO-basics — snelle laadtijden, mobiel-vriendelijk, gestructureerde data — helpen ook voor GEO. AI-crawlers hebben net als Google moeite met JavaScript-heavy content. Schema markup als statische JSON-LD is voor beide relevant.
Waar ze fundamenteel verschillen
De belangrijkste verschillen zitten in drie gebieden:
Bronvermelding versus ranking. In SEO wil je hoog scoren in een lijst van tien resultaten. In GEO wil je geciteerd worden als onderdeel van een antwoord. Dat vraagt om content die een concreet antwoord geeft op een specifieke vraag, niet om content die breed optimaliseert voor een zoekterm.
Autoriteit versus populariteit. Backlinks — de valuta van SEO — correleren slechts 0,10 met LLM-zichtbaarheid, volgens Otterly.AI. Wat wél telt: brand authority, earned media, en de kwaliteit van je bronvermeldingen.
Multimodaal versus tekst. Multimodale content — content met infographics, schema’s, data-visualisaties — heeft 156% meer kans om door AI geselecteerd te worden. In SEO is visuele content een nice-to-have; in GEO wordt het een strategische factor.
Hoe ziet een praktisch GEO-plan eruit voor B2B?
Ik kan helaas geen stappenplan geven alsof er 1 alomvattend recept is — elke situatie is anders. Maar op basis van wat ik heb geleerd in mijn eigen project zijn dit de gebieden die ik zou aanpakken.
Begin bij je bestaande content
Je hoeft niet bij nul te beginnen. De meeste B2B-sites hebben al content die met relatief kleine aanpassingen GEO-vriendelijker wordt:
Voeg verifieerbare statistieken toe met bronvermelding. Elke alinea minimaal één concreet, controleerbaar gegeven. Structureer je koppen als vragen die een B2B-koper aan een AI-zoekmachine zou stellen. Voeg een TL;DR toe bovenaan — AI-systemen gebruiken die samenvatting vaak als basis voor hun antwoord. Controleer of je schema markup klopt en als statische JSON-LD wordt geleverd. Dat klinkt technisch en dat is het ook. Net als SEO heeft ook GEO een technische component, en als je hier zelf geen raad mee weet zorg dan dat je iemand vindt die het wel begrijpt.
Investeer in auteurs, niet alleen in content
AI-systemen hechten waarde aan herkenbare auteurs. Een artikel van “het marketing team” weegt minder zwaar dan een artikel van een persoon met aantoonbare expertise. Zorg dat je auteurspagina’s hebt met relevante credentials, dat artikelen een duidelijke auteur vermelden, en dat die auteur ook buiten je eigen site vindbaar is — op LinkedIn, in vakpublicaties, op conferenties.
Bouw een platform-specifieke strategie
Omdat elk AI-platform anders citeert, moet je strategie per platform verschillen. Voor Perplexity: investeer in Reddit-aanwezigheid met authentieke, waardevolle bijdragen — geen linkdropping. Voor ChatGPT: zorg dat je Wikipedia-vermeldingen kloppen en dat je content op hoog-autoritaire domeinen verschijnt. Voor Google AI Overviews: focus op gestructureerde data en directe antwoorden op veelgestelde vragen.
Earned media is je grootste hefboom
Met een citatieratio van 34% via nieuwsmedia versus 8% op je eigen site, is earned media de krachtigste GEO-strategie die de meeste B2B-marketeers nog niet inzetten. Dat betekent: gastartikelen bij relevante vakpublicaties, quotes in branche-onderzoeken, bijdragen aan podcasts en webinars. Niet voor de backlinks — voor de AI-zichtbaarheid.
Meet wat je doet
GEO meten is lastiger dan SEO meten, maar niet onmogelijk. Tools als Otterly.AI, HubSpot’s AI Search Grader, en Semrush’s Copilot bieden inmiddels dashboards voor AI-zichtbaarheid. Meet in ieder geval: in welke AI-antwoorden je verschijnt, welke pagina’s geciteerd worden, en hoe je AI-verwezen verkeer zich ontwikkelt.
Bepaal wat je aan AI-crawlers wilt meegeven
GEO gaat ervan uit dat je geciteerd wilt worden — maar dat geldt niet voor alle content. Vertrouwelijke prijslijsten, exclusieve whitepapers of klantcasestudies die je liever niet in AI-trainingsdata ziet verschijnen, kun je afschermen via je robots.txt. De grote AI-platforms hebben daarvoor eigen crawlers: OpenAI gebruikt GPTBot en OAI-SearchBot, Common Crawl (trainingsdata voor vrijwel alle grote LLM’s) heeft CCBot, Perplexity gebruikt PerplexityBot. Een correcte robots.txt-instructie wordt door deze platforms gerespecteerd.
De nuance die de meeste marketeers missen: je kunt de crawler voor training blokkeren terwijl je de crawler voor search-retrieval toelaat. OpenAI heeft dit bewust gesplitst in GPTBot (training) en OAI-SearchBot (ChatGPT Browse). Zorg dat je dus een besluit neemt over welke content je openhoudt en welke content je afschermt.
Hoe meet je AI-conversies als het verkeer onzichtbaar is?
Als AI-zoekverkeer zoveel beter converteert, wil je weten hoeveel van je leads via die route binnenkomen. Maar een groot deel van dat verkeer is wat marketeers “dark traffic” noemen: sessies die in GA4 verschijnen als “direct / geen” omdat de AI-tool geen referrer-informatie doorgeeft.
Gedeeltelijk is dit meetbaar. ChatGPT Browse en Perplexity-klikken verschijnen in GA4 steeds vaker als herkenbare verwijzers — respectievelijk chatgpt.com en perplexity.ai. Claude verwijst door via claude.ai. Een aangepast rapport in GA4 dat filtert op deze domeinen geeft je een ondergrens van je AI-verwezen verkeer. Niet het volledige beeld, maar een begin.
Tools als Otterly.AI meten hoe vaak je merk en pagina’s worden geciteerd in AI-antwoorden — dat geeft een indicatie van zichtbaarheid, ook als de doorklik niet traceerbaar is. En dan is er de meest low-tech oplossing: een “hoe heb je ons gevonden?”-vraag in je contactformulier, met AI-chatbot als expliciete optie. Het klinkt onelegant voor mensen die gewend zijn aan dashboards, maar in mijn ervaring levert het betrouwbare kwalitatieve data op die geen enkel analytics-pakket je geeft. De meest betrouwbare bron blijft vaak de klant zelf.
GEO in het Nederlands: waarom taal meer uitmaakt dan je denkt
De meeste GEO-onderzoeken die ik in dit artikel citeer zijn gebaseerd op Engelstalige content en queries. Dat is relevant, want LLM’s zijn overwegend getraind op Engelstalige data — de trainingsdichtheid voor het Nederlands ligt aanzienlijk lager. In de praktijk zie ik dat terug: bij dezelfde zoekvraag in het NL en EN geeft een AI-tool soms merkbaar verschillende antwoorden, met andere bronnen en andere accenten.
Wat dat betekent voor B2B-marketeers in Nederland: de Nederlandse Wikipedia telt ruim 2,2 miljoen artikelen tegenover 6,8 miljoen in de Engelstalige versie. Minder artikelen betekent minder concurrentie voor een vermelding — maar ook minder rijke context voor een LLM. Nederlandse gezaghebbende bronnen wegen daardoor relatief zwaarder mee in NL-talige queries. Een vermelding in het FD, Marketingfacts, Emerce of bij de KVK heeft in een NL-talige AI-query meer gewicht dan dezelfde vermelding in een Engelstalig nichemedium, simpelweg omdat er minder alternatieven zijn.
Dat maakt vroege investering in Nederlandse autoriteitsplatformen aantrekkelijk. Je vult een gat dat je Engelstalige concurrenten niet kunnen vullen. Ik heb geen goed vergelijkbaar onderzoek kunnen vinden dat NL en EN GEO-prestaties direct vergelijkt — dat is eerlijk gezegd een blinde vlek in het vakgebied. Maar het volgt logisch uit wat we weten over hoe LLM’s trainen, en het is een hypothese die ik in mijn eigen experimenten aan het toetsen ben.
Wat nog niet duidelijk is — en waarom dat juist interessant is
De GEO-discipline is jong. Het Princeton/Georgia Tech-onderzoek is pas van 2024. De meeste statistieken die ik in dit artikel citeer zijn van 2025 — ze zijn actueel, maar de trends veranderen snel. De eerste grote GEO-congressen moeten in Nederland zelfs nog komen (stand van zaken april 2026). Het veld is volop in ontwikkeling.
En er is nog iets op de horizon dat de meeste GEO-artikelen niet noemen: AI-agents. In 2026 gaat het bij de meeste organisaties nog over gevonden worden in AI-antwoorden. Maar de volgende stap — AI-agents die namens een koper autonoom demo’s boeken, offertes vergelijken of contactformulieren invullen — gaat denk ik een stuk sneller komen dan verwacht. Wat dat voor GEO betekent: het gaat dan niet alleen over geciteerd worden in een antwoord, maar over technische toegankelijkheid voor geautomatiseerde interactie. Formulieren die machineleesbaar zijn, API’s die agents kunnen aanroepen, contactflows die werken zonder captcha-barrières. Ik weet nog niet hoe dit precies gaat uitpakken, maar het is een ontwikkeling die de spelregels van GEO opnieuw kan herschrijven.
Ik heb ook nog geen idee hoe AI-platforms hun algoritmes gaan aanpassen als meer marketeers gaan optimaliseren voor AI-citaties. We weten niet hoe de juridische discussies uitpakken — Reddit heeft in juni 2025 een rechtszaak aangespannen tegen Anthropic over ongeautoriseerd gebruik van trainingsdata, en de New York Times heeft hetzelfde gedaan tegen de grote AI bedrijven die hun content gebruiken in hun antwoorden.
Wat ik wél weet: de richting is duidelijk. 73% van de B2B-kopers gebruikt al AI-tools voor aankooponderzoek. 65% verwacht dat gebruik verder te verhogen. Dit is geen trend die gaat overwaaien.
Veelgestelde vragen over GEO voor B2B
Is GEO een vervanging voor SEO?
Nee. Google SEO-rankings correleren 0,65 met AI-zichtbaarheid — een goed geoptimaliseerde site heeft dus een voorsprong. GEO is een aanvulling die inspeelt op hoe AI-zoekmachines bronnen selecteren. De twee versterken elkaar.
Hoe snel levert GEO resultaat op?
Sneller dan traditionele SEO in sommige opzichten. Omdat AI-systemen content evalueren op kwaliteit en relevantie in plaats van op linkprofiel en domeinleeftijd, kun je met de juiste content sneller zichtbaar worden. Maar het opbouwen van brand authority — een belangrijke factor in GEO — kost tijd.
Is GEO alleen relevant voor techbedrijven?
Nee, maar de adoptie is daar het verst. 80% van de tech-kopers gebruikt AI-tools voor leveranciersonderzoek, versus lagere percentages in andere sectoren. De verwachting is dat andere B2B-sectoren volgen — de vraag is niet of, maar wanneer.
Welke AI-zoekmachine is het belangrijkst voor B2B?
Dat hangt af van je doelgroep. ChatGPT heeft met 80,5% het grootste marktaandeel, maar Perplexity groeit snel en wordt veel gebruikt voor zakelijk onderzoek (ook al is Perplexity nog relatief klein in Nederland). Google AI Overviews bereiken het breedste publiek, natuurlijk vooral omdat de meeste mensen Google al dagelijks gebruiken. Mijn advies: begin met de platforms die je doelgroep gebruikt en breid van daaruit uit. Met een beetje geluk zie je al in je dashboards welke dat zijn.
Hoeveel kost een GEO-strategie?
De basiselementen — content verrijken met statistieken, structuur verbeteren, schema markup toevoegen — kun je met bestaande middelen doen. Een volledige GEO-strategie inclusief earned media, Reddit-aanwezigheid en platform-specifieke optimalisatie vraagt meer investering. In Nederland zijn er nog maar weinig bureaus die GEO als dienst aanbieden, maar het zal een kwestie van tijd zijn voordat de grote SEO bureaus de knop hebben omgezet.
Wat doe ik als een AI onjuiste informatie over mijn merk verspreidt?
Er is geen directe manier om een getraind LLM te corrigeren. Wat je wél kunt doen: verbeter de informatie in de bronnen waarop AI-systemen leunen, zoals Wikipedia en Wikidata. Voor systemen met real-time retrieval (Perplexity, Google AI Overviews) helpt het om correcties snel te publiceren op je eigen site én op gezaghebbende externe platformen. Monitor actief wat AI-tools over je zeggen — tools als Otterly.AI bieden hier inmiddels specifieke functionaliteit voor.
Is GEO in het Nederlands even effectief als in het Engels?
De dynamiek verschilt. LLM’s zijn overwegend getraind op Engelstalige data, waardoor de trainingsdichtheid voor het Nederlands lager is. Nederlandse gezaghebbende bronnen — FD, Marketingfacts, Emerce, KVK — wegen daardoor relatief zwaarder mee in NL-talige queries, simpelweg omdat er minder concurrerende bronnen zijn. Vroeg investeren in die platformen kan een relatief groot voordeel opleveren.
Bronnen
Alle statistieken in dit artikel met hun bronnen:
| Statistiek | Bron |
|---|---|
| 527% stijging AI-verkeer (jan-mei 2025) | Previsible 2025 AI Traffic Report, via Search Engine Land |
| 25% daling traditioneel zoekvolume tegen 2026 | Gartner, februari 2024 |
| 73% B2B-kopers gebruikt AI-tools | 6sense Buyer Experience Report 2025 |
| 80% tech-kopers gebruikt AI minstens evenveel als zoekmachines | Forrester/Digital Commerce 360, 2025 |
| AI-verkeer converteert 5,1x beter (14,2% vs 2,8%) | 6sense Buyer Experience Report 2025 |
| 46,7% Perplexity-citaties van Reddit | Discovered Labs, 2025 |
| 47,9% ChatGPT-citaties van Wikipedia | The Digital Bloom 2025 AI Citation Report |
| 11% domeinoverlap tussen ChatGPT en Perplexity | Superprompt.com, 2025 |
| 40,1% LLM-trainingsdata van Reddit | TechnoSports, 2025 |
| Statistieken verhogen AI-zichtbaarheid 22-40% | Princeton/Georgia Tech GEO-onderzoek |
| Expert-quotes verhogen zichtbaarheid 41% | Passionfruit, 2025 |
| 50%+ geciteerde pagina’s < 1.000 woorden | Bradley Lee Bartlett, 2025 |
| 120-180 woorden tussen koppen = 70% meer citaties | The Digital Bloom, 2025 |
| Brand search volume correlatie 0,334 | Semrush, 2025 |
| Earned media: 34% vs 8% citatieratio | Authority Tech, 2025 |
| Pagina’s bijgewerkt < 60 dagen: 1,9x meer AI-citaties | The Digital Bloom, 2025 |
| 69% zero-click zoekresultaten | Similarweb/Stan Ventures, 2025 |
| 83% zero-click bij AI Overviews | Similarweb/Stan Ventures, 2025 |
| AI Overview-citaties uit top-10: van 76% naar 38% | ALM Corp, 2026 |
| SEO-rankings correleren 0,65 met LLM-zichtbaarheid | Otterly.AI, 2025 |
| Backlinks correleren 0,10 met LLM-zichtbaarheid | Otterly.AI, 2025 |
| Multimodale content: +156% selectiekans | Otterly.AI, 2025 |
| 80,5% ChatGPT marktaandeel | First Page Sage, januari 2026 |
| GEO-markt: $18,5 miljard (2025), $66,2 miljard (2035) | Future Market Insights |
| 65% B2B-kopers verwacht meer AI-gebruik | Marketing Charts, 2025 |
| NL Wikipedia: 2,2M artikelen / EN Wikipedia: 6,8M artikelen | Wikimedia, List of Wikipedias (2026) |
| GPTBot (training) vs OAI-SearchBot (retrieval): gesplitste AI-crawlers | OpenAI, GPTBot documentatie |
Dit artikel is geschreven door Hans Schepers, oprichter van Hands on GEO. Meer over mijn achtergrond vind je op mijn auteurspagina.